Fryslan Culturele Hoofdstad 2018
In de commissie is uitgebreid gesproken over het voorstel Fryslân Culturele Hoofdstad 2018. Op een paar zaken die mij daaruit zijn bijgebleven wil ik graag in het kort nog even nader ingaan.
Dat is ten eerste de positie van cultuur binnen de provinciale begroting. Er lopen in 2010 en 2011 veel tijdelijke budgetten af, waarvan er 32 budgetten binnen het programma cultuur vallen. Op het moment dat het volume van de begroting erg snel slinkt omdat de tijdelijke middelen opraken en er daarnaast structureel bezuinigd moet worden, dan is het voor de VVD duidelijk dat het beleidsveld cultuur in financieel zwaar weer dreigt te komen. Cultuur zal een reële plaats binnen de provinciale begroting moeten krijgen omdat het het cement is van de samenleving, het zichtbaar maakt dat Fryslân echt onderscheidend is in cultureel opzicht t.o.v. andere provincies en cultuur kansen creëert voor de Friese economie.
Ten tweede bleek uit de discussie dat er veel vragen leven omtrent dit voorstel en dat er ook wel wat losse eindjes aan de voorstellen zitten. Er wordt een groot bedrag voor draagvlakmeting uitgetrokken en te weinig voor cultuur zelf, en juist met concrete culturele activiteiten wordt draagvlak binnen de provincie opgebouwd en daarmee buiten de provincie krediet verworven voor een kandidatuur van Fryslân voor het predikaat Culturele Hoofdstad van Europa.
Als we er in slagen om het Friese saamhorigheidsgevoel, het plezier en het improvisatietalent voor het voetlicht te brengen, dan wordt duidelijk dat Fryslân, met onze eigen taal, cultuur, landschap, steden en dorpen, Europa heel veel te bieden heeft. Een criterium bij de verkiezing is dat het moet gaan om een gebied met verborgen potenties en kwaliteiten, en Fryslân voldoet hier volgens de VVD aan.
Tot slot blijkt dat er nog geen duidelijkheid kan worden gegeven over de vraag of de provincie zelf kan inschrijven, of dat dit onder de paraplu van Leeuwarden als provinciale hoofdstad moet. De VVD wil dat we eind 2011 een volledige afweging kunnen maken en dat er dan ook duidelijkheid moet bestaan over de condities die aan een dergelijke constructie verbonden zijn. Er is eerder gesteld dat Leeuwarden zich welwillend opstelt - en de VVD is hier uiteraard verheugd over – maar dat is ons toch te vaag. Stel nu dat de provincie een aantal jaren investeert en dat Leeuwarden op enig moment met allerlei condities voor de dag komt. Niet ondenkbeeldig nu er in 058 fors in cultuur wordt gesneden.
Tom van Mourik, fractievoorzitter VVD-Statenfractie.
